Выбрать главу

Kort nadat Elayne binnen was, volgde ook Ellorien. De mollige vrouw kletste met een van de Kinsvrouwen en negeerde nadrukkelijk de Hoogzetels die om haar heen liepen. Haar kant van het gesprek klonk geforceerd. Ze had het waarschijnlijk wel kunnen maken om helemaal niet naar de zitkamer te komen, maar Elayne wist dat die vrouw beslist nog even wilde zeggen dat ze niét van gedachten was veranderd over Huis Trakand.

Elayne glimlachte, maar ze liep niet naar de vrouw toe en wendde zich naar Sylvase toen die binnenkwam. Het meisje had een gemiddelde lengte en blauwe ogen, en ze had mooi kunnen zijn als ze niet zo’n uitdrukkingsloos gezicht had gehad. Niet gevoelloos, als een Aes Sedai, maar volkomen uitdrukkingsloos. Sylvase leek soms wel een paspop in een winkel. Maar op andere ogenblikken had ze verborgen diepten vertoond, een sluwheid die diep vanbinnen zat. ‘Dank u voor de uitnodiging, Majesteit,’ zei Sylvase vlak, met een stem die vaag spookachtig en monotoon klonk. ‘Het was bijzonder verhelderend.’

‘Verhelderend?’ vroeg Elayne. ‘Ik had gehoopt dat het aangenaam was.’

Sylvase zei niets. Ze keek naar Ellorien, en daarbij liet ze eindelijk wat gevoel zien. Een ijzig soort afkeer, waar je de rillingen van kreeg.

‘Waarom hebt u haar uitgenodigd, Majesteit?’

‘Huis Caeren was het ooit ook oneens met Trakand,’ antwoordde Elayne. ‘Vaak zijn degenen wier trouw het moeilijkst te verwerven is, ook het meest kostbaar als dat wel is gelukt.’

‘Ze zal u niet steunen, Majesteit,’ zei Sylvase, nog steeds met een te kalme stem. ‘Niet na wat uw moeder heeft gedaan.’

‘Toen mijn moeder jaren geleden de troon besteeg,’ zei Elayne, met een blik op Ellorien, ‘waren er Huizen waarvan werd gezegd dat ze die nooit voor zich zou winnen. En toch deed ze dat.’

‘En? U hebt al voldoende steun, Majesteit. U hébt uw overwinning.’

‘Een ervan.’

De rest liet ze onuitgesproken. Ze had een ereschuld aan Huis Traemane. Het verkrijgen van Elloriens goedkeuring ging niet alleen om het versterken van de Leeuwentroon. Het ging over het herstellen van scheuringen veroorzaakt door Elaynes moeder terwijl die onder invloed van Gaebril verkeerde. Het ging om het herstel van de naam van haar Huis, om het waar mogelijk ongedaan maken van de onrechtmatigheden die hadden plaatsgevonden. Sylvase zou dat nooit begrijpen. Elayne had over de jeugd van dat arme meisje gehoord; zij zou niet veel waarde hechten aan de eer van een Hoogzetel. Sylvase scheen slechts in twee dingen te geloven: macht en wraak. Zolang ze Elayne steunde en kon worden gestuurd, zou ze geen gevaar zijn. Maar ze zou nooit zoveel kracht verlenen aan Huis Trakand als een bondgenoot zoals Dyelin. ‘Hoe dient mijn klerk u, Majesteit?’ vroeg Sylvase. ‘Best goed, hoor,’ antwoordde Elayne. Tot dusverre had hij nog niets van waarde gepresteerd, hoewel Elayne hem ook geen toestemming had gegeven om al te drastische stappen te ondernemen tijdens zijn verhoren. Ze zat met een probleem. Ze joeg al een eeuwigheid op deze groep van de Zwarte Ajah. Eindelijk had ze hen... maar wat moest ze nu met hen doen?

Birgitte had de gevangenen levend in handen gekregen, zogenaamd opdat ze konden worden verhoord en dan berecht door de Witte Toren. Maar dat betekende dat ze geen reden hadden om te praten; ze wisten dat ze uiteindelijk bij de beul zouden eindigen. Dus moest Elayne ofwel bereid zijn met hen te onderhandelen, of ze moest de ondervrager extreme maatregelen laten nemen. Een koningin moest hard genoeg zijn om dat soort dingen toe te staan. Of althans, dat was wat haar onderwijzers haar hadden verteld. De schuld van die vrouwen werd niet betwijfeld, en ze hadden voldoende op hun kerfstok om tien keer de doodstraf te verdienen. Elayne wist echter niet zeker hoe ver ze zichzelf wilde verlagen om hun geheimen aan hen te ontfutselen.

En bovendien, zou dat wel iets uithalen? Ispan was gebonden door een soort Wilsdwang of geloften; dat gold waarschijnlijk ook voor deze vrouwen. Zouden ze wel iets nuttigs kúnnen onthullen? Was er maar een manier om...

Ze aarzelde en hoorde niet wat Sylvase zei toen haar een gedachte inviel. Birgitte zou er niet blij mee zijn, uiteraard. Birgitte was nérgens blij mee. Maar Elayne had gevoeld dat Birgitte ergens buiten het paleis was, misschien op een ronde langs de wachtposten buiten. ‘Verontschuldig me alsjeblieft, Sylvase,’ zei Elayne. ‘Ik herinner me net iets wat ik echt even moet doen.’

‘Natuurlijk, Majesteit,’ zei het meisje op vlakke, bijna onmenselijke toon.

Elayne liep bij haar weg en nam toen snel afscheid van de anderen.

Conail keek verveeld. Hij was gekomen omdat dat van hem werd verwacht. Dyelin was haar gebruikelijke aangename maar behoedzame zelf. Elayne ontweek Ellorien. Ze nam afscheid van ieder ander in de kamer die iets voorstelde. Toen liep ze naar de deur. ‘Elayne Trakand,’ riep Ellorien haar na.

Elayne bleef staan en glimlachte in zichzelf. Ze draaide zich om en op haar gezicht stond alleen nog berekende nieuwsgierigheid te lezen. ‘Ja, vrouwe Ellorien?’

‘Hebt u me hier alleen uitgenodigd om me te negeren?’ vroeg de vrouw vanaf de andere kant van de kamer. De overige gesprekken verstomden.

‘Helemaal niet,’ zei Elayne. ik had alleen de indruk dat u het meer naar uw zin zou hebben als ik u niet dwong met mij om te gaan. Deze avond was niet bedoeld voor politieke doeleinden.’ Ellorien fronste haar voorhoofd. ‘Waar dan wél voor?’

‘Om te genieten van een mooie ballade, vrouwe Ellorien,’ zei Elayne. ‘En misschien om u te herinneren aan vroeger tijden, toen u vaak van optredens genoot in het gezelschap van Huis Trakand.’ Ze glimlachte, knikte lichtjes en vertrok.

Laar haar daar maar eens over nadenken, dacht Elayne tevreden. Ellorien had ongetwijfeld gehoord dat Gaebril een Verzaker was. Ze geloofde het misschien niet, maar het kon een herinnering zijn aan de jaren van eerbied tussen haar en Morgase. Mochten een paar korte maanden reden zijn om jaren van vriendschap te vergeten? Onder aan de trap vanuit de zitkamer trof Elayne Kaila Krom aan, een van Birgittes gardekapiteins. De slungelige vrouw met haar vurige haar stond gemoedelijk te kletsen met twee gardisten, die allebei graag bij haar in de gunst schenen te willen komen. Alle drie sprongen ze in de houding toen ze Elayne zagen. ‘Waar is Birgitte naartoe?’ vroeg Elayne.

‘Ze is op onderzoek uit gegaan na wat onrust bij de poort, Majesteit,’ antwoordde Kaila. ik heb al gehoord dat er niets aan de hand was. De huurlingkapitein die u eerder kwam bezoeken, probeerde het paleisterrein op te glippen. Kapitein Birgitte verhoort hem.’ Elayne trok haar wenkbrauw op. ‘Je bedoelt Martrim Cauton?’ De vrouw knikte.

‘En ze “verhoort” hem?’

‘Dat is wat ik heb gehoord, Majesteit,’ antwoordde Kaila.

‘Dat betekent dat ze samen iets zijn gaan drinken,’ zei Elayne met een zucht. Licht, dit was daar een slecht ogenblik voor.

Of juist goed? Birgitte kon niets tegen Elaynes voornemen met de Zwarte Ajah uitrichten als ze op pad was met Mart. Elayne merkte dat ze glimlachte. ‘Kapitein Krom, jij gaat met mij mee.’ Ze verliet de schouwburgzaal en ging het paleis in. De vrouw liep mee en gebaarde dat de groep gardevrouwen in de gang moest volgen. Nog altijd glimlachend begon Elayne bevelen te geven. Een van de gardevrouwen rende weg om haar bevelen over te brengen, hoewel ze wel verward scheen over de vreemde lijst van opdrachten. Elayne liep naar haar vertrekken en ging zitten om na te denken. Ze zou snel moeten zijn. Birgitte was in een sikkeneurige stemming; Elayne voelde dat door de binding.

Even later kwam er een bediende aan met een verhullende zwarte mantel. Elayne sprong op, trok hem aan en omhelsde de Bron. Ze moest het drie keer proberen voordat het lukte! Bloedas, maar zwanger zijn was soms zo frustrerend.

Ze maakte wevingen van Vuur en Lucht om zich heen en gebruikte de Spiegel der Nevelen om zichzelf er langer en indrukwekkender uit te laten zien. Ze haalde haar sieradenkistje en viste er een ivoren standbeeldje van een zittende vrouw gehuld in haar eigen haar uit. Met gebruikmaking van de angreaal putte ze zoveel van de Ene Kracht als ze durfde. Voor iedereen die kon geleiden, zou ze er beslist indrukwekkend uitzien.