Выбрать главу

‘Hoe kan het dat jullie nog niet hebben geleerd hoe dom dit soort daden zijn?’ vroeg Egwene. ‘Hebben jullie zo’n slecht geheugen?’ Ze keek om beurten naar de vrouwen en was tevreden te zien hoeveel er ineenkrompen.

‘Het wordt tijd,’ zei Egwene, ‘dat er een verandering wordt doorgevoerd. Ik stel voor dat er geen verdere bijeenkomsten van deze aard plaatsvinden. Ik stel voor dat in de Torenwet wordt opgenomen dat als een Gezetene de Witte Toren verlaat, haar Ajah een vervangster moet aanwijzen die tijdens de afwezigheid van de Gezetene kan stemmen. Ik stel voor dat in de Torenwet wordt opgenomen dat er pas een zitting van de Zaal kan worden gehouden als elke Gezetene of haar vervangster aanwezig is, of ze zélf bericht heeft gestuurd dat ze er niet bij kan zijn. Ik stel voor dat de Amyrlin op de hoogte móét worden gesteld – en redelijk op tijd zodat ze de zitting kan bijwonen als ze wil – van elke bijeenkomst van de Zaal, behalve wanneer ze onvindbaar of om een andere reden verhinderd is.’

‘Stoutmoedige wijzigingen, Moeder,’ zei Saerin. ‘U wilt gebruiken veranderen die al eeuwen bestaan.’

‘Gebruiken die tot nog toe alleen zijn toegepast voor verraad, achterbaksheid en verdeling,’ zei Egwene. ‘Het wordt tijd dat dit gat wordt gedicht, Saerin. De laatste keer dat deze stap effectief werd toegepast, kreeg de Zwarte Ajah ons zover dat we een Amyrlin afzetten, in haar plaats een dwaas verhieven, en de Toren verdeeld raakte. Ben je je ervan bewust dat het in Kandor, Saldea en Arafel krioelt van het Schaduwgebroed?’

Enkele zusters slaakten kreten. Anderen knikten, onder wie Lelaine. Dus het Blauwe netwerk was nog altijd betrouwbaar. Mooi zo. ‘De Laatste Slag staat voor de deur,’ zei Egwene. ‘Ik trek mijn voorstel niét in. Ofwel jullie gaan nu staan, of jullie zullen bekend blijven – tot het einde der tijden – als degenen die weigerden. Kunnen jullie aan het einde van een Eeuw niet gaan staan voor openheid en licht? Willen jullie het niet – voor de bestwil van ons allemaal – onmogelijk maken dat er een bijeenkomst van de Zaal wordt gehouden zonder dat jullie erbij aanwezig zijn? Als iedereen kan worden buitengesloten, betekent dat de mogelijkheid dat jij wordt buitengesloten.’

De vrouwen zwegen. Een voor een gingen degenen die nog stonden weer zitten om zich voor te bereiden op de nieuwe stemming. ‘Wie staat er voor dit voorstel?’ vroeg Egwene. Ze stonden op. Gelukkig stonden ze op; een voor een, langzaam, met tegenzin. Maar ze deden het. Allemaal.

Egwene slaakte een diepe zucht. Ze mochten dan kibbelen en konkelen, maar ze zagen de waarheid in. Ze hadden dezelfde doelen. Als ze het oneens waren, dan was dat omdat ze verschillende gezichtspunten hadden over hoe ze die doelen moesten bereiken. Soms was liet moeilijk om dat niet te vergeten.

Kennelijk onthutst door wat ze hadden gedaan, lieten de Gezetenen de bijeenkomst opbreken. Buiten hadden zich zusters verzameld, verbaasd te zien dat de Zaal zitting hield. Egwene knikte naar Saerin en haar andere aanhangers en liep met Silviana aan haar zijde de kamer uit.

‘Dat was een overwinning,’ zei de Hoedster zodra ze alleen waren. Ze klonk tevreden. ‘Maar u hebt wel het gezag over onze legers opgegeven.’

‘Ik moest wel,’ zei Egwene. ‘Ze hadden me op elk gewenst ogenblik het bevel kunnen afnemen; op deze manier heb ik er nog iets voor teruggekregen.’

‘Gezag over de Herrezen Draak?’

‘Ja,’ zei Egwene, ‘maar ik had het meer over het opheffen van die leemte in de Torenwet. Zolang het mogelijk bleef dat de Gezetenen elkaar in het geheim ontmoetten, kon mijn gezag – het gezag van elke Amyrlin – worden omzeild. Als ze nu willen konkelen, zullen ze dat moeten doen waar ik bij ben.’

Silviana liet een van haar zeldzame glimlachjes zien. ‘Ik vermoed dat aangezien zoiets als vandaag het gevolg is van dergelijk gekonkel, Moeder, ze van nu af aan langer zullen aarzelen.’

‘Dat was de bedoeling,’ zei Egwene. ‘Hoewel ik betwijfel of de Aes Sedai ooit zullen ophouden met pogingen tot konkelen. Maar ze mogen eenvoudigweg niet dobbelen met de Laatste Slag of de Herrezen Draak.’

In Egwenes werkkamer stonden Nicola en Nissa nog te wachten. ‘Dat hebben jullie goed gedaan,’ zei Egwene. ‘Heel goed. En daarom wil ik jullie meer verantwoordelijkheid geven. Ga naar het Reisterrein en vertrek naar Caemlin; de koningin daar verwacht jullie. Keer terug met de voorwerpen die zij jullie geeft.’

‘Ja, Moeder,’ zei Nicola grijnzend. ‘Wat geeft ze ons?’

‘Ter’angrealen,’ antwoordde Egwene. ‘Gebruikt voor bezoeken aan de Wereld der Dromen. Ik ga jullie, en enkele anderen, opleiden in het gebruik ervan. Gebruik ze echter niet zonder mijn uitdrukkelijke toestemming. Ik zal een paar soldaten met jullie mee sturen.’ Dat zou voldoende moeten zijn om die twee in het gareel te houden. De twee Aanvaarden maakten knicksen en draafden opgewonden weg. Silviana keek Egwene aan. ‘U hebt ze niet laten beloven te zwijgen. Het zijn Aanvaarden, en ze zullen beslist opscheppen over het feit dat ze worden opgeleid met de ter’angrealen.’

‘Daar reken ik op,’ zei Egwene, die naar de deur van de werkkamer liep.

Silviana trok haar wenkbrauw op.

‘Ik zal die meisjes niets laten overkomen,’ zei Egwene. in feite zullen ze een stuk minder in Tel’aran’rhiod doen dan ze waarschijnlijk vermoeden na wat ik zojuist heb gezegd. Rosil is tot nu toe meegaand geweest, maar ze zou me nooit Aanvaarden in gevaar laten brengen. Dit is alleen maar om de juiste geruchten op gang te helpen.’

‘Wat voor geruchten?’

‘Gawein heeft de moordenares verjaagd,’ zei Egwene. ‘Er is al dagen geen moord meer gepleegd, en ik neem aan dat we hem daar dankbaar voor moeten zijn. Maar ze verstopt zich nog steeds, en ik heb Zwarte zusters naar me zien kijken in Tel’aran’rhiod. Als ik ze hier niet kan vangen, doe ik het daar. Maar eerst moet ik iets bedenken om hen te laten geloven dat ze weten waar ze ons kunnen vinden.’

‘Zolang het maar de bedoeling is dat ze ü vinden, en niet die meisjes,’ zei Silviana met een kalme, maar ijzersterke stem. Zij was ook Meesteres der Novices geweest.

Egwene merkte dat ze grimaste toen ze terugdacht aan de dingen die van haar werden verwacht toen ze nog Aanvaarde was. Ja, Silviana had gelijk. Ze zou ervoor moeten zorgen dat ze Nicola en Nissa niet aan gelijksoortige gevaren blootstelde. Zij had het overleefd en was er sterker door geworden, maar Aanvaarden moesten niet aan dergelijke beproevingen worden onderworpen, behalve als er echt geen andere keus was.

‘Ik zal oppassen,’ zei Egwene. ‘Ze hoeven alleen maar het gerucht te verspreiden dat ik binnenkort een heel belangrijke ontmoeting heb. Als ik de basis goed voorbereid, zal ons fantoom het niet kunnen weerstaan om te komen afluisteren.’

‘Dapper.’

‘Essentieel,’ zei Egwene. Ze aarzelde met haar hand op de deur. ‘Over Gawein gesproken, ben je er al achter waar ergens in de stad hij zit?’

‘Eigenlijk, Moeder, heb ik daar eerder vandaag iets over gehoord. Het schijnt dat... nou, hij niet in de stad is. Een van de zusters die uw boodschap afleverde bij de koningin van Andor, keerde terug met het nieuws dat ze hem daar had gezien.’

Egwene kreunde en sloot haar ogen. Die man kost me nog eens het leven, dacht ze. ‘Vraag hem terug te keren. Hoe woest hij me ook maakt, ik zal hem de komende dagen nodig hebben.’

‘Ja, Moeder,’ zei Silviana, die een vel papier pakte.

Egwene liep haar werkkamer in om verder te gaan met haar brieven.

Er was weinig tijd.

Zo ontzettend weinig tijd.

28

Merkwaardigheden

Wat heb je je voorgenomen, echtgenoot?’ vroeg Faile. Ze waren terug in hun tent na het overleg met de Witmantels. Perijns daden hadden haar verbaasd; dat was verfrissend, maar ook verontrustend.