Mannen, dacht Elayne. Jongemannen proberen indruk op me te maken met alle mogelijke onzin die ze zich in hun hoofd halen. Oudere mannen gaan ervan uit dat elke jonge vrouw een preek nodig heeft.
Ze richtte haar blik weer op de stad toen Birgitte kwam aanrijden en naar haar knikte. De kelders waren gevuld met olie en pek.
‘Steek maar in brand,’ zei Elayne luid.
Birgitte maakte een handgebaar. De Kinsvrouwen openden hun nieuwe Poorten en mannen smeten aangestoken fakkels in de kelders van Caemlin. Het duurde niet lang voordat de rook die boven de stad opsteeg donkerder en onheilspellender werd.
‘Dat zullen ze niet snel blussen,’ zei Birgitte zacht. ‘Niet met die droogte van de laatste tijd. De hele stad zal branden als een hooiberg.’
Het leger verzamelde zich om naar de stad te kijken, vooral de leden van de koninginnegarde en de Andoranen. Een paar van hen salueerden zoals je zou doen bij de brandstapel van een gevallen held.
Elayne knarsetandde. ‘Birgitte, geef het door aan de Wachters. De kinderen die ik draag zijn verwekt door de Herrezen Draak.’
Basheres glimlach verbreedde. Onuitstaanbare man! Birgitte glimlachte ook toen ze het nieuws ging verspreiden. Zij was ook onuitstaanbaar.
De mannen van Andor leken met rechtere rug te staan, trotser, hoewel ze hun hoofdstad zagen branden. Trolloks begonnen de poorten uit te komen, naar buiten gedreven door de vlammen.
Elayne wachtte tot de Trolloks haar leger zagen, en toen riep ze: ‘Noordwaarts!’ Ze wendde Maanschaduw. ‘Caemlin is dood, We gaan naar de bossen. Laat het Schaduwgebroed volgen!’
Androl werd wakker met zand in zijn mond. Hij kreunde en probeerde om te rollen, maar merkte dat hij vastgebonden was. Hij spuugde, likte langs zijn lippen en knipperde met korrelige ogen.
Hij lag samen met Jonnet en Emarin tegen een aarden wal, vastgebonden met touwen. Hij herinnerde zich... Licht! Het dak was ingestort.
Pevara? stuurde hij zijn gedachten naar buiten. Ongelooflijk, hoe natuurlijk het begon te voelen om zo te communiceren.
Hij werd beloond met een suf gevoel van haar. Dankzij de binding wist hij dat ze vlakbij was, waarschijnlijk ook vastgebonden. De Ene Kracht was ook buiten zijn bereik. Hij graaide ernaar, maar botste tegen een schild op. De touwen waarmee hij was vastgebonden, waren bevestigd aan een soort haak in de grond achter hem en beperkten zijn bewegingsvrijheid.
Androl wist met enige moeite zijn paniek te onderdrukken. Hij zag Nalaam niet. Was hij ook hier? Hun groep lag vastgebonden in een grote ruimte waar de lucht naar vochtige aarde rook. Ze waren nog steeds ergens ondergronds in Taims geheime complex.
Als het dak is ingestort, dacht Androl, dan zijn de cellen waarschijnlijk onbruikbaar. Dat verklaarde waarom hij en de anderen waren vastgebonden, maar niet opgesloten.
Iemand snikte.
Hij verwrong zijn lichaam en zag Evin vastgebonden liggen. De jongere man lag te beven en te huilen.
‘Het komt wel goed, Evin,’ fluisterde Androl. ‘We vinden wel een uitweg.’
Evin keek geschrokken naar hem. De jongeling was anders vastgebonden dan de rest, in een zithouding met zijn handen op zijn rug. ‘Androl? Androl, het spijt me zo.’
Androl voelde een steek vanbinnen. ‘Wat spijt je, Evin?’
‘Ze kwamen vlak nadat jullie weg waren. Ze wilden Emarin, geloof ik. Om hem te Bekeren. Toen hij er niet was, begonnen ze vragen te stellen, eisen te stellen. Ze braken me, Androl. Ik brak zo gemakkelijk. Het spijt me...’
Dus Taim had de gevallen wachters niet gevonden. ‘Het is niet jouw schuld, Evin.’
Er naderden bonkende voetstappen. Androl deed alsof hij bewusteloos was, maar iemand gaf hem een trap. ‘Ik hoorde je kletsen, schildknaap,’ bromde Mishraile, die zijn goudblonde hoofd vlak bij het zijne bracht. ‘Ik zal ervan genieten om je te vermoorden voor wat je Coteren hebt geflikt.’
Androl opende zijn ogen en zag Logain tussen Mezar en Welyn in hangen. Ze sleepten hem dichterbij en smeten hem op de grond. Logain verzette zich zwakjes en kreunde toen ze hem vastbonden. De twee mannen gingen staan, en een van hen spuugde op Androl voordat hij naar Emarin liep.
‘Nee,’ zei Taim van ergens vlakbij. ‘Die jongen is de volgende. De Grote Heer wil resultaten zien. Logain kost te veel tijd.’
Evins gesnik werd luider toen Mezar en Welyn hem bij zijn armen grepen.
‘Nee!’ riep Androl, wurmend in zijn boeien. ‘Nee! Taim, vervloekte kerel! Laat hem met rust! Neem mij!’
Taim stond vlakbij, met zijn handen op zijn rug en gekleed in een fraai zwart uniform dat leek op die van de Asha’man, maar dan met zilveren zomen. Hij droeg geen spelden op zijn kraag. Hij keerde zich naar Androl toe en sneerde: ‘Jóu? Moet ik de Grote Heer een man geven die niet eens genoeg Kracht kan geleiden om een kiezel te breken? Ik had jou lang geleden al moeten afmaken.’ Taim draaide zich om en volgde de andere twee, die een radeloze Evin meesleepten.
Androl schreeuwde hen na en bleef brullen tot hij er hees van werd. Ze brachten Evin naar een plek aan de andere kant van de ruimte – die heel groot was – en Androl kon hen niet meer zien. Hij liet zijn hoofd op de vloer zakken en sloot zijn ogen. Maar hij bleef het angstige geschreeuw van die arme Evin horen.
‘Androl?’ fluisterde Pevara.
‘Stil.’ Mishrailes stem werd gevolgd door een klap en een grom van Pevara.
Ik begin die kerel echt te haten, stuurde Pevara hem toe.
Androl antwoordde niet.
Ze hebben de moeite genomen om ons uit die ingestorte kamer te graven, vervolgde Pevara. Ik herinner me nog iets van voordat ze me afschermden en buiten westen sloegen. Volgens mij is het nog geen hele dag geleden. Ik denk dat Taim nog niet voldoende Gruwheren aan de Schaduw heeft overgeleverd. Ze stuurde hem die gedachte bijna luchthartig.
Achter hen hield Evins geschreeuw op.
O, Licht! stuurde Pevara. Was dat Evin? Alle nuchterheid verdween uit haar toon. Wat gebeurt er?
Ze Bekeren hem, stuurde Androl terug. Je kunt je kennelijk verzetten als je voldoende wilskracht hebt. Daarom is Logain nog zichzelf.
Pevara’s bezorgdheid kwam als een warm gevoel door de binding.
Waren alle Aes Sedai zoals zij? Hij had aangenomen dat ze geen gevoel hadden, maar Pevara voelde alles, hoewel ze wel een bijna bovenmenselijke beheersing had over hoe die gevoelens haar beïnvloedden. Ook weer een gevolg van tientallen jaren van oefenen?
Hoe komen we hier weg? vroeg ze.
Ik probeer mijn boeien los te krijgen, maar mijn vingers zijn stijf.
Ik zie de knoop. Hij is stevig, maar misschien kan ik je helpen.
Hij knikte. Pevara beschreef de wikkelingen van de knoop, terwijl Androl probeerde zijn vingers eronder te wurmen. Hij kon niet voldoende houvast krijgen. Hij probeerde zijn handen los te rukken en eruit te wurmen, maar de touwen zaten te strak.
Tegen de tijd dat hij zich gewonnen gaf, waren zijn vingers gevoelloos geworden. Dit gaat niet lukken, stuurde hij.
Ik probeer me uit dit schild te werken, antwoordde Pevara. Het is mogelijk, want ik denk dat onze schilden zijn afgebonden. Afgebonden schilden verzwakken.
Androl stuurde instemming terug, hoewel hij zich toch gefrustreerd voelde. Hoe lang kon Evin nog volhouden?