Выбрать главу

Dat ze het Licht aanriep, gaf aan hoe wanhopig ze was, maar ondanks al hun pogingen hadden ze haar nog niet gebroken. Ze zóu vrij komen – dat zou ze – en daarna zou ze het deze wilden met bloed vergelden! Rivieren van bloed! Oceanen van bloed. Ze zou hen allen levend villen! Ze zou... Ze wierp haar hoofd in de nek en jankte. De opgepropte vodden in haar mond dempten het geluid, maar ze jankte en ze wist niet of het gegil van woede was of gekrijs om genade.

Toen het gejank verstierf en ze haar hoofd liet hangen, waren Belinde en de Speervrouwen gaan staan. Sevanna was bij hen. Galina probeerde haar snikken voor die goudblonde vrouw te onderdrukken, maar ze had even goed met haar blote handen de zon van de hemel kunnen plukken.

‘Moet je dat gehuil en gesnuif horen!’ spotte Sevanna die vlak voor haar kwam staan. Galina probeerde een even verachtelijke blik in haar ogen te leggen. Sevanna bedekte zichzelf met genoeg sieraden voor wel tien vrouwen! Ze droeg haar hemd zo ver open dat zonder die slecht bij elkaar passende kettingen haar borsten bijna geheel ontbloot waren. Ze haalde diep adem wanneer mannen naar haar keken! Galina probeerde het maar het was moeilijk verachting te tonen, wanneer er tranen over haar bezwete wangen stroomden. Ze beefde van het huilen waardoor de zak langzaam heen en weer zwaaide.

‘Deze da’tsang is zo taai als een oude ooi,’ kakelde Belinde, ‘maar ik heb gemerkt dat zelfs het taaiste oude schaap zacht gemaakt kan worden als je het langzaam in de juiste kruiden laat stoven. Toen ik nog Speervrouw was, heb ik zelfs Steenhonden zacht weten te stoven.’ Galina sloot haar ogen. Oceanen van bloed om te boeten voor... De zak schudde en Galina’s ogen sprongen open toen hij omlaag gleed. De Speervrouwen hadden het touw over de tak losgemaakt en het tweetal liet haar langzaam zakken. Ze deed een verwoede poging om los te komen, tot ze omlaag keek en bijna opnieuw begon te snikken, nu van opluchting, omdat de vuurpot opzij was geschoven. Na Belindes woorden over koken... Dat zou Belindes lot worden, besloot Galina. Aan een spit gebonden langzaam boven een vuur ronddraaien tot haar lichaamsvocht begon weg te druipen! Om te beginnen! Met een klap die Galina deed grommen, plofte de zak neer en viel om. Even zorgeloos alsof het een zak aardappels was, schudden de Speervrouwen haar er op het bruine onkruid uit, sneden de touwen tussen haar duimen en tenen door en plukten de prop uit haar mond. Aan haar hele lijf kleefden door het zweet vuil en dode bladeren. Ze had graag willen opstaan om hen recht in de ogen te kunnen kijken en elke woeste blik te kunnen beantwoorden. Ze speelde echter niet meer klaar dan op handen en knieën overeind te komen, waarna ze haar vingers en tenen in de vergane bladeren van de bosbodem groef. Als ze meer deed zou ze haar handen niet kunnen weerhouden van het verzachten van haar rood ontstoken huid. Haar zweet voelde aan als het sap van ijspepers. Ze kon slechts op haar knieën blijven zitten en rillen, proberen wat speeksel in haar mond te krijgen en dagdromen over wat ze met deze wilden zou doen. ‘Ik had gedacht dat je sterker was,’ zei Sevanna nadenkend boven haar, ‘maar misschien heeft Belinde gelijk. Misschien ben je nu zacht genoeg. Als je zweert mij te gehoorzamen, komt er een eind aan da’tsang zijn. Wellicht hoef je niet eens gai’shain te worden. Zweer je mij in alles te gehoorzamen?’

‘Ja!’ Het rolde hees maar zonder aarzeling van Galina’s tong, hoewel ze moest slikken voor ze meer kon zeggen, ik zal u gehoorzamen! Ik zweer het!’ En gehoorzamen zou ze. Tot ze de gelegenheid kreeg die ze nodig had. Was dit alles wat werd geëist? Een eed die ze de eerste dag al had willen zweren? Sevanna zou leren hoe het was om boven hete kolen te hangen. O, zeker, ze... ‘Dan heb je er zeker geen bezwaar tegen om hierop je eed te zweren,’ merkte Sevanna op, terwijl ze iets voor haar neergooide. Galina’s hoofdhuid prikte toen ze het zag. Een witte staaf als van glimmend ivoor, een voet lang en niet dikker dan haar pols. Vervolgens zag ze de vloeiende schrifttekens die in het naar haar gerichte eind waren uitgesneden. Getallen die gebruikt werden in de Eeuw der Legenden. Honderdelf. Ze had even gedacht dat het de Eedstaf was, op de een of andere manier ontvreemd uit de Witte Toren. Die was ook gemerkt, maar dan met het cijfer drie, waarvan sommigen veronderstelden dat het voor de Drie Geloften stond. Misschien was dit niet wat het leek. Misschien. Maar zelfs een kapadder uit de Verdronken Landen zou haar niet zo doen verstarren. ‘Een mooie eed, Sevanna. Wanneer was je van plan dat aan ons te vertellen?’

Die stem maakte dat Galina met een ruk haar hoofd ophief. Die toon zou haar ogen zelfs van een gifslang weg hebben getrokken. Therava verscheen tussen de bomen, aan het hoofd van een tiental Wijzen met kille gezichten. Ze waren allen aanwezig geweest bij Galina’s veroordeling tot het zwarte gewaad. Ze bleven achter haar staan en keken Sevanna strak aan. Therava zei iets, Sevanna knikte en de Speervrouwen verdwenen haastig. Het zweet gutste nog van Galina af, maar opeens leek de lucht koud.

Sevanna richtte haar ogen op Belinde die haar blik ontweek. Sevanna’s lippen verwrongen in een spottende, snauwende grijns en ze zette haar vuisten in de zij. Galina begreep niet waar deze vrouw die niet eens kon geleiden, de moed vandaan haalde. Sommigen van hen bezaten een aanzienlijk vermogen. Nee, ze kon het zich niet veroorloven ze alleen als wilders te zien, als ze wilde ontsnappen en wraak nemen. Therava en Someryn waren sterker dan elke vrouw in de Toren en ieder van hen had met gemak Aes Sedai kunnen zijn. Sevanna keek hen echter uitdagend aan. ‘Blijkbaar hebben jullie snel recht gesproken,’ zei ze gortdroog.

‘Het was een gemakkelijke zaak,’ antwoordde Tion kalm. ‘De Mera’din kregen de gerechtigheid die ze verdienen.’

‘En ze kregen te horen dat ze het kregen, ondanks jouw poging ons te beïnvloeden,’ voegde Rhiale er wat feller aan toe. Waarop Sevanna bijna een snauw wilde geven.

Maar Therava wenste niet afgeleid te worden. Met een snelle stap kwam ze bij Galina staan, greep een bos haar en trok haar op haar knieën overeind. Therava scheelde minstens een hoofd met de langste vrouw van de groep, maar ze was groter dan de meeste mannen. Haar haviksogen boorden zich in die van Galina en verdreven elke gedachte aan wraak of verzet. De witte lokken in haar donkerrode haren zorgden dat haar gezicht nog strenger leek. Galina’s handen balden zich tot vuisten en de nagels sneden in haar handpalmen. Zelfs haar brandende huid werd bij die blik minder erg. Ze had dagdromen gehad over het breken van elk van de aanwezigen, over hun smeekbeden om te sterven en haar gelach terwijl ze hun gesmeek negeerde. Over iedere vrouw, met uitzondering van Therava. ’s Nachts spookte Therava door haar dromen en Galina kon slechts proberen te vluchten; maar haar enige uitweg was een krijsend ontwaken. Galina had sterke mannen en sterke vrouwen gebroken, maar zijzelf staarde nu met grote ogen en jammerend op naar Therava.

‘Deze hier heeft geen eer om te beschamen!’ Therava spoog haar woorden bijna uit. ‘Als je wilt dat ze gebroken wordt, Sevanna, geef haar dan aan mij. Wanneer ik klaar ben, zal ze gehoorzamen, ook zonder dat speeltje van je vriend Caddar.’

Sevanna ontkende boos de vriendschap met die onbekende Caddar en Rhiale blafte dat Sevanna hem naar hun groep had geleid en anderen twistten of die ‘binder’ beter zou werken dan de ‘reisschrijn’. Ergens in Galina’s geest ging een belletje rinkelen bij het noemen van die reisschrijn. Ze had er al eerder over gehoord en verlangde ernaar hem, hoe kort ook, in handen te krijgen. Met een ter’angreaal waarmee ze kon Reizen, hoe slecht hij ook scheen te werken, zou ze kunnen... Zelfs de hoop op ontsnapping hield geen stand bij de gedachte aan wat Therava haar zou aandoen, als de anderen besloten het verzoek van deze vrouw in te willigen. Toen de Wijze met de haviksogen haar haren losliet om zich in de woordenwisseling te mengen, wierp Galina zich op de staf en belandde plat op haar buik. Alles, zelfs gehoorzaam zijn aan Sevanna, was beter dan in handen van Therava vallen. Als ze niet afgeschermd was geweest, zou ze hebben geleid om zelf de staf te bedienen.