Выбрать главу

Geen onzin van ‘de gymnastiekzaal vegen’, daar hield de Conferentie niet van. Maar je kon bij een gezin inwonen — dat was wel te vinden. Wat kon het iemand schelen of je je leergeld in contanten betaalde? Kraaide geen haan naar — ‘Dan zijn je militaire uitkeringen zakgeld.’

‘Die krijg ik niet.’

‘Man, lees je geen kranten?’ Hij wist het precies: terwijl ik was weggeweest was die niet-Oorlog ook in aanmerking gekomen voor militaire uitkeringen.

Ik beloofde dat ik erover zou denken.

Maar ik was het helemaal niet van plan. Ik had wel besloten mijn ingenieurstitel te behalen. Ik maak de dingen graag af. Maar daar niet.

Die avond kreeg ik bericht van Joan, het meisje dat me zo’n mooi afscheid bereid had en me daarna had afgeschreven. Ik was van plan geweest uit te vinden waar ze woonde en haar en haar man op te zoeken; ik wist alleen haar naam nog niet. Maar ze kwam bij het winkelen mijn tante tegen en telefoneerde me. ‘Easy!’ zei ze en ze klonk verrukt.

‘Wie — Wacht eens even, Joan!’

Ik moest diezelfde avond komen eten. Ik zei ‘Graag’ en dat ik ernaar verlangde de gelukkige kerel te ontmoeten met wie ze getrouwd was.

Joan zag er net zo lief uit als vroeger en gaf me een stevige pakkerd met haar armen om mijn hals, een welkom-thuis-kus, zusterlijk maar plezierig. Toen kreeg ik de kinderen te zien, een nog in de wieg en de tweede leerde net lopen. Haar man was in Los Angeles.

Ik had mijn jas moeten pakken. Maar het was best trek je er niets van aan nadat ze mij gesproken had had Jim opgebeld om te zeggen dat hij nog één nacht moest wegblijven en natuurlijk was het uitstekend als ik haar mee uit eten nam hij had me rugby zien spelen en misschien wilde ik morgenavond wel kegelen ze had geen babysitter kunnen krijgen maar haar zuster en zwager kwamen een borrel halen konden niet blijven eten ze hadden al een afspraak tenslotte kennen we elkaar toch al heel lang lieve o, jij herinnert je mijn zuster ook nog wel daar staan ze al voor de deur en ik heb de kinderen nog niet in bed.

Haar zuster en zwager bleven één drankje drinken; Joan en haar zuster brachten de kinderen naar bed terwijl de zwager bij mij bleef zitten en vroeg hoe de zaken er in Europa voorstonden hij had begrepen dat ik net terug was en toen vertelde hij mij hoe de zaken er in Europa voorstonden en wat er aan gedaan zou moeten worden. ‘Weet U, meneer Jordan,’ zei hij, me op mijn knie kloppend, ‘een makelaar in onroerende goederen zoals ik krijgt nogal een goede kijk op de menselijke natuur dat moet hij wel en al ben ik niet daadwerkelijk in Europa geweest zoals u ik heb er geen tijd voor gehad iemand moet toch hier blijven om belasting te betalen en te zorgen dat hier alles goed loopt terwijl jullie jonge boffers wat van de wereld zien maar mensen hebben overal dezelfde karakters en als we maar eens een klein bommetje gooiden op Minsk of Pinsk of een van die soort steden zouden ze gauw genoeg hun dwalingen inzien en dan konden we uitscheiden met al dat gedoe dat het maar moeilijk maakt voor een zakenman. Bent U het daar niet mee eens?’

Ik zei dat er wat voor te zeggen viel. Ze gingen weg en hij zei dat hij me morgen op zou bellen en me een paar prima terreinen zou laten zien die gekocht konden worden tegen vrijwel niets in contanten en zeker in waarde zouden stijgen omdat er binnenkort hier een nieuwe fabriek van projectielen kwam. ‘Het is leuk geweest om naar Uw ervaringen te luisteren, Meneer Jordan, erg prettig. Ik moet U op een keer eens vertellen wat me overkomen is in Tijuana maar niet waar mijn vrouw bij is ha ha!’

Joan zei: ‘Ik snap niet waarom ze met hem getrouwd is. Schenk me nog een borrel in, liefje, een dubbele, dat heb ik nodig. Ik zal de oven lager zetten, het eten kan wel wachten.’

We namen allebei een dubbele en toen nog een en aten om een uur of elf. Joan werd huilerig toen ik er om een uur of drie op stond naar huis te gaan. Ze zei dat ik bang was en dat gaf ik toe; ze zei dat alles zo anders had kunnen lopen als ik er maar niet op gestaan had in dienst te gaan en dat gaf ik ook toe; ze zei dat ik door de achterdeur weg moest gaan en geen lichten aandoen en ze wilde me nooit meer zien en de zeventiende ging Jim naar Sausalito.

De volgende dag nam ik een vliegtuig naar Los Angeles. Nou moet je goed begrijpen — ik geef Joan nergens de schuld van, ik mag Joan graag. Ik respecteer haar en zal haar altijd dankbaar zijn. Ze is een goed mens. Als ze jong bijzondere voordelen gehad had — bijvoorbeeld in Nevia — zou ze bepaald iets aparts zijn. Zelfs nu mag ze er best wezen. Haar huis was schoon, haar kinderen waren schoon en gezond en goed verzorgd. Ze is royaal en attent en goedgehumeurd.

En ik voel mezelf ook niet schuldig. Als een man enige egards heeft voor de gevoelens van een meisje dan is er één ding dat hij niet weigeren kan: een revanche vrijpartijtje, als zij dat wenst. En ik zal ook niet doen alsof ik dat niet ook wilde. Maar ik voelde me de hele reis naar Los Angeles ontdaan. Niet vanwege haar man, die was niet gekrenkt. Niet vanwege Joanie, zij was niet overrompeld en het was ook niet waarschijnlijk dat ze berouw zou hebben. Joanie is een best kind en had haar karakter goed aangepast aan een onmogelijke gemeenschap.

Maar ik voelde me toch ontdaan.

Een man moet de meest vrouwelijke hoedanigheid van een vrouw niet hekelen. Ik wil het duidelijk maken dat kleine Joanie net zo lief en net zo mild geweest was als de jongere Joanie die me met zo’n grandioos gevoel het Leger in had gestuurd. De schuld lag bij mij; ik was veranderd. Mijn klachten zijn gericht tegen de hele beschaving zonder dat het individu meer dan een spikkeltje blaam treft. Ik zal die zeer bereisde culturoloog en losbol, Dr. Rufo, citeren:

‘Omar, als je thuiskomt, verwacht dan niet te veel van je vrouwelijke landgenoten. Je zult ongetwijfeld teleurgesteld worden en die arme lieverdjes treft geen blaam. Omdat de Amerikaanse vrouwen door de omstandigheden van hun seksuele instincten beroofd zijn, compenseren ze dat door dwang-belangstelling in rituelen bij het dode omhulsel van seks... en ieder van hen is ervan overtuigd dat ze ‘intuïtief’ het juiste ritueel kent om de dode tot leven te wekken. Dat weet ze en niemand hoeft haar wat anders te vertellen... zeker niet de man die het ongeluk heeft bij haar in bed te liggen. Probeer dat dus niet. Je maakt haar óf woedend óf je deprimeert haar. Daarmee doe je een aanval op die meest Heilige van alle Koeien: de mythe dat vrouwen alles van seks afweten, alleen al doordat ze vrouw zijn.’

Rufo had zijn voorhoofd gefronst. ‘De gemiddelde Amerikaanse vrouw is er van overtuigd dat ze een genie is als couturière, als binnenhuis-architecte, als kookster van de haute cuisine en altijd als courtisane. Gewoonlijk heeft ze het op vier punten mis. Maar probeer niet haar dat aan het verstand te brengen.’

Hij had er aan toegevoegd: ‘Tenzij je er een te pakken kunt krijgen die niet ouder is dan twaalf jaar en je haar kunt afzonderen, in het bijzonder van haar moeder — en zelfs dan is het vermoedelijk al te laat. Maar je moet me niet verkeerd begrijpen; het is gelijk verdeeld. De Amerikaanse man is ervan overtuigd dat hij een groot krijgsman, een groot staatsman en een groot minnaar is. Steekproeven bewijzen dat hij de plank net zo ver mis slaat als zij. Of nog verder. Historisch-cultureel gesproken zijn er duidelijke tekenen dat eerder de Amerikaanse man dan de vrouw in jouw land de seks heeft vermoord.’

‘Maar wat kan ik eraan doen?’

‘Wip af en toe over naar Frankrijk. De Franse vrouwen zijn bijna net zo onwetend, maar lang niet zo eigenwijs en vaak heel bevattelijk.’

Toen mijn vliegtuig landde zette ik me het onderwerp uit het hoofd omdat ik van plan was een poosje als een kluizenaar te leven. Ik heb in het Leger geleerd dat geen seks gemakkelijker is dan een honger-rantsoen — en ik had serieuze plannen.

Ik had besloten zo conventioneel te zijn als ik van nature ben, met hard werken en een levensdoel. Ik had die Zwitserse bankrekeningen kunnen gebruiken om de playboy uit te hangen. Maar ik was een playboy geweest en het is mijn stijl niet.