Выбрать главу

Ze onderbrak hem met gebiedende voldoening. ‘Dat is het! Het beestenspul!’ Ze keken haar aan of ze gek was geworden.

‘Natuurlijk,’ merkte Thom liefjes op. ‘We kunnen Luca vragen die zwijnpaarden weer hierheen te voeren en dan gaan wij ervandoor wanneer die beesten de stad nog verder vernietigen. Ik weet niet wat je hem hebt toegestopt, Nynaeve, maar toen we wegreden, gooide hij ons een steen achterna.’

Ditmaal vergaf Nynaeve hem zijn spot, hoe zwak die ook was. En zijn gebrek aan slimheid om te zien wat zij zag. ‘Dat kan misschien zo zijn, Thom Merrilin, maar baas Luca wil een beschermvrouwe en Elayne en ik zullen dat worden. We moeten alleen de koets en het span zien kwijt te raken...’ – Dat deed pijn, ze had een fraai huisje in Emondsveld kunnen kopen voor wat dat had gekost – ‘en achterom wegsluipen.’ Ze gooide de kist met de scharnieren in bladvorm open, rommelde tussen de kleren, dekens, pannen en alles wat ze niet in de koets had willen achterlaten afgezien van het tuigwerk, tot ze de vergulde kistjes en de beurzen vond. ‘Thom, jij en Juilin verdwijnen via de achterdeur en zoeken een wagen en een span paarden of zoiets. Koop wat voorraden, dan zien we elkaar op de weg naar Luca’s beestenspul.’ Bedroefd vulde ze Thoms hand met goudstukken en nam niet de moeite ze te tellen. Het viel niet te zeggen wat alles zou kosten en ze wilde niet dat hij tijd met loven en bieden verspil de.

‘Dat is een prachtidee,’ zei Elayne grijnzend. ‘Galad zal uitkijken naar twee vrouwen, niet naar een troep kunstenmakers met dieren. En hij zal nooit vermoeden dat wij naar Geldan trekken.’ Daaraan had Nynaeve niet gedacht. Haar plan was geweest Luca recht op Tyr af te sturen. Zijn beestenspul, met goochelaars, tuimelaars en die dieren, kon volgens haar overal, waar dan ook, goed geld verdienen. Maar als Galad echt naar hen op zoek ging, of ie mand erop uitstuurde, zou dat naar het oosten zijn. Misschien was hij slim genoeg om zelfs het beestenspul te laten doorzoeken. Soms gebruikten mannen hun hersens, gewoonlijk wanneer je het het minst verwachtte. ‘Het eerste waar ik aan dacht, Elayne.’ Ze negeerde de plotselinge flauwe smaak, de zure herinnering aan gekookte katten varens en maarnebladpoeder.

Natuurlijk spraken Thom en Juilin haar tegen. Niet haar idee als zo danig, maar ze meenden dat een van hen achter moest blijven, zodat die haar en Elayne kon beschermen tegen Galad en hele troepen Wit mantels. Ze beseften niet dat geleiden de twee vrouwen meer hulp kon bieden dan zij met z’n tweeën en nog tien man erbij. Ze leken zich ongerust te maken, maar het lukte haar beiden weg te krijgen met haar strenge gebod: ‘En waag het niet hier terug te komen. Wij ontmoeten elkaar op de weg.’

‘Als we moeten geleiden,’ zei Elayne kalm nadat de deur was dicht gevallen, ‘zullen we het heel snel op moeten nemen tegen het voltallige Witmantelgarnizoen en waarschijnlijk ook tegen alles wat het leger hier heeft gekwartierd. De Kracht maakt ons niet onoverwinnelijk. Daar zijn maar twee pijlen voor nodig.’

‘We maken ons wel zorgen als het zover komt,’ zei Nynaeve. Ze hoopte dat de mannen daar niet aan zouden denken. Als ze dat wel deden, zou er een in hun buurt blijven rondhangen en waarschijnlijk Galads achterdocht wekken als hij niet oppaste. Ze was bereid hun hulp aan te nemen als dat nodig was – dat had ze bij Ronde Macura wel geleerd, hoewel het gevoel dat ze als een verzopen katje uit een put was gered, nog steeds bitter smaakte – maar dat zou pas gebeuren wanneer zij het nodig achtte, niet de mannen. Een snelle loop naar beneden bracht haar bij vrouw Jharen. Haar vrouwe was van gedachten veranderd. Ze meende niet de hitte en het stof van het reizen al weer zo snel te kunnen verdragen. Ze was van plan wat te rusten en wilde tot het eten niet gestoord worden, en wanneer dat was, zou ze nog wel doorgeven. Hier waren de munten voor de tweede nacht. De herbergierster was een en al begrip voor het tere gestel en de wispelturige wensen van een vrouwe. Nynaeve dacht dat vrouw Jharen zelfs begrip zou tonen voor een moord, zolang de rekening maar werd betaald.

Nadat ze de gezette vrouw had verlaten, schoot ze vlug een dienst meid aan. Enkele penners wisselden van eigenaar en met haar schort nog om snelde het meisje weg om twee diepe bonnetten te vinden die Nynaeve zo heerlijk koel en schaduwrijk vond. Niet voor haar vrouwe natuurlijk, die zou zoiets nooit dragen, maar zij zou het prettig vinden.

Toen ze terugkwam in de slaapkamer had Elayne een van de vergulde kistjes op het bed geplaatst, samen met de donkere, gewreven kist die de herwonnen ter’angrealen bevatte en de wasleren beurs met het cuendillarzegel. De volle geldbeurzen lagen naast Nynaeves tas op het andere bed. Elayne vouwde de dekens op en bond alles samen met een stevig touw uit een van de reiskisten. Nynaeve had alles bewaard.

Ze vond het spijtig dat allemaal achter te moeten laten. Niet alleen vanwege de waarde. Niet dat alleen. Je wist nooit wanneer iets van pas kwam. Neem die twee wollen gewaden die Elayne op het bed had uitgespreid. Ze waren niet mooi genoeg voor een vrouwe en te mooi voor het meisje van een vrouwe, maar als ze die, zoals Elayne had gewild, in Mardecin hadden achtergelaten, zouden ze nu mooi in de knoei zitten wat kleding betrof.

Nynaeve knielde op de grond en zocht in de andere kist. Voldoende schoon goed, nog twee stel wollen kleren voor wanneer ze iets anders aan moesten. De gietijzeren braadpannen in een zeildoeken tas waren volmaakt, maar te zwaar en de mannen zouden zeker niet vergeten iets te kopen om die te vervangen. De naaispullen in het mooie, met been ingelegde kistje. Ze zouden zeker niet denken aan zoiets eenvoudigs als een speld. Haar gedachten waren echter maar half bij het inpakken.

‘Je had Thom al eerder ontmoet?’ vroeg ze, hopelijk langs haar neus weg. Ze keek uit haar ooghoeken naar Elayne, terwijl ze net deed of ze druk bezig was kousen op te rollen.

Het meisje was haar eigen kleding aan het uitzoeken, waarbij ze de zijden gewaden met een zucht opzij legde. Ze verstarde terwijl ze net haar handen in een kist had gestoken en keek Nynaeve niet aan. ‘Hij was hofbard in Caemlin toen ik klein was,’ zei ze stil. ‘O, ik begrijp het.’ Ze begreep het helemaal niet. Hoe kwam het dat een man die bard was, aan een koninklijk hof vermaak schiep en bijna evenveel aanzien had als een edelman, een speelman werd die van dorp tot dorp zwierf?

‘Hij was de minnaar van mijn moeder, nadat mijn vader was gestorven.’ Elayne was alweer aan het uitzoeken en zei het zo nuchter dat het Nynaeve volkomen verraste. ‘Je moeder en...’

Elayne keek haar nog steeds niet aan. ‘Pas in Tanchico herinnerde ik me het weer. Ik was toen nog heel klein. Het kwam door zijn snor en doordat ik heel dicht bij hem stond en naar hem op moest kijken, terwijl hij een stuk ten gehore bracht uit De Grote Jacht op de Hoorn.

Hij dacht dat ik het alweer vergeten was.’ Ze bloosde licht, ik had te veel wijn gedronken en de volgende dag meende ik dat ik me alles had verbeeld.’

Nynaeve kon slechts haar hoofd schudden. Ze herinnerde zich de avond dat Elayne zo ontzettend veel had gedronken. Dat had ze gelukkig nooit meer gedaan. Haar hoofdpijn van de volgende ochtend had haar voorgoed genezen. Nu wist ze waarom het meisje zich bij Thom zo gedroeg. Ze had hetzelfde een paar keer in Emondsveld meegemaakt. Een meisje dat oud genoeg was om zichzelf een vol wassen vrouw te achten. En die als maatstaf daarvoor natuurlijk alleen haar eigen moeder had. En in een enkel gevaclass="underline" met wie kon je beter wedijveren om te bewijzen dat je een vrouw was? Gewoonlijk leidde het tot niets ergers dan beter te willen zijn met koken of naai en, of mogelijk wat onschuldig gestoei met een vader, maar in één geval had Nynaeve gezien dat de bijna volwassen dochter van een weduwe zich volkomen dwaas had aangesteld door te proberen de man in te palmen met wie haar moeder wilde trouwen. Het probleem was dat Nynaeve geen enkel idee had hoe ze deze zottigheid bij Elayne moest aanpakken. Ondanks vele ernstige terechtwijzingen van haar en de vrouwenkring, was Sari Ayellin eigenlijk pas met twee benen op de grond gaan staan nadat haar moeder hertrouwd was en zijzelf eveneens een man had gevonden.