Выбрать главу

‘Ik heb net het WIC aan de lijn gehad,’ zei hij. Zijn stem klonk hol, alsof hij van heel ver kwam. ‘Het betreft een nieuw virus, waarvan de oorsprong onbekend is.’

‘De DNA-structuur is inmiddels wel bekend,’ zei Dunworthy, ‘en het vaccin kan er over enkele dagen zijn. Dokter Ahrens geeft Brasenose de hoogste prioriteit bij de inenting, en ik probeer een ingenieur te vinden die de lokalisatie kan controleren zodra het lab is vrijgegeven.’

‘Dat zal helaas niet gaan,’ zei Gilchrist hol. ‘Ik heb onderzoek gedaan naar het voorkomen van influenza in de veertiende eeuw. Er zijn duidelijke aanwijzingen dat een reeks epidemieën in de eerste helft van de eeuw de gezondheid van de bevolking sterk ondermijnde, waardoor de mensen minder weerstand hadden tijdens de Zwarte Dood.’ Hij pakte een oud uitziend boek. ‘Ik heb zes verschillende vermeldingen gevonden van influenza-aanvallen tussen oktober 1318 en februari 1321.’ Hij sloeg het boek open en begon te lezen. “‘Na de oogst brak in heel Dorset een hevige koorts uit, waarbij velen het leven lieten. Deze koorts begon met pijn in het hoofd en algemene verwardheid. Ondanks aderlatingen konden vele zieken niet gered worden.”’

Koorts. In de middeleeuwen waren er tal van ziekten, tyfus en cholera en de mazelen, die allemaal begonnen met koorts en pijn in het hoofd en algemene verwardheid.

Gilchrist hield een ander boek omhoog. ‘In 1318 moesten de zittingen van het assisenhof in Bath worden opgeschort na het uitbreken van een borstkwaal die zowel de rechters als de juryleden trof, zodat er niemand overbleef om een oordeel te vellen.’ Hij keek Dunworthy aan over de rand van zijn masker. ‘U zei dat de publieke bezorgdheid over het net hysterisch en ongegrond was. Het lijkt er meer op dat die bezorgdheid op degelijke historische feiten berust.’

Degelijke historische feiten. Verwijzingen naar koortsen en borstkwalen die bij elke ziekte konden passen, bij bloedvergiftiging of tyfus of wel honderd nu onbekende infecties. En bovendien deed dat er allemaal niet toe.

‘Het virus kan niet door het net zijn gekomen,’ zei Dunworthy. ‘We hebben mensen naar de Pandemie gestuurd, naar veldslagen in de Eerste Wereldoorlog waarbij mosterdgas werd gebruikt, naar Tel Aviv. Twintigste Eeuw heeft een stralingsdetector naar St. Paul gestuurd, twee dagen na de ontploffing van de atoombom. Er komt helemaal niets door het net.’

‘Dat zegt u.’ Gilchrist hield een uitdraai omhoog. ‘Volgens Mathematica is er een kans van 0,003 procent dat een micro-organisme door het net is gekomen en van 22,1 procent dat zich een werkzaam myxovirus binnen het kritieke gebied bevond toen het net werd geopend.’

‘Waar komen die cijfers in godsnaam vandaan?’ zei Dunworthy. ‘Uit een hoge hoed zeker? Volgens Mathematica,’ vervolgde hij met giftige nadruk, ‘was er slechts 0,04 procent kans dat er iemand getuige was van Kivrins doorkomst en die mogelijkheid achtte u statistisch niet significant.’

‘Virussen zijn bijzonder taaie organismen,’ zei Gilchrist. ‘Ze kunnen lange tijd ook bij extreme temperaturen en vochtigheid overleven zonder hun werkzaamheid te verliezen. Onder bepaalde omstandigheden vormen ze kristallen die hun structuur behouden. In opgeloste vorm worden ze weer actief. Er zijn kristallen gevonden van het tabaksmozaïekvirus uit de zestiende eeuw. Statistisch gezien is er een significante mogelijkheid dat het virus door het net is gekomen en onder deze omstandigheden kan ik onmogelijk toestaan dat het net wordt gebruikt.’

‘Het virus kan niet door het net zijn gekomen,’ zei Dunworthy.

‘Waarom wilt u dan met alle geweld de lokalisatie laten controleren?’

‘Omdat…’ zei Dunworthy woedend en hij pauzeerde om zichzelf weer in de hand te krijgen. ‘Omdat we dan tenminste weten of alles volgens plan is verlopen of dat er iets verkeerd is gegaan.’

‘Ach, dus u erkent wel de mogelijkheid dat er een fout is opgetreden?’ zei Gilchrist. ‘Waarom dan geen fout die een virus toestaat door het net te dringen? Zolang die mogelijkheid bestaat, blijft het lab gesloten. Ik ben ervan overtuigd dat Basingame mijn besluit ten volle zal ondersteunen.’

Basingame, dacht Dunworthy, daar is het allemaal om begonnen. Het heeft niets te maken met het virus of met demonstranten of met ‘borstkwalen’ in 1318. Hij wil alleen maar een wit voetje halen bij Basingame.

Gilchrist was waarnemend hoofd in Basingames afwezigheid en hij had zo snel mogelijk de veertiende eeuw opengesteld en zo snel mogelijk een reis georganiseerd, alleen om Basingame een schitterende prestatie te kunnen aanbieden. Maar in plaats van een schitterende prestatie had hij nu een epidemie, een spoorloze historica en betogers voor de poort. Hij was er alleen nog maar op uit zichzelf te rechtvaardigen, zijn eigen huid te redden, zelfs als hij daar Kivrin voor moest opofferen.

‘En Kivrin dan? Denkt u dat Kivrin uw besluit ten volle zal ondersteunen?’

‘Kivrin was volledig op de hoogte van de risico’s toen ze zich als vrijwilligster aanmeldde,’ zei Gilchrist.

‘En wist ze ook dat u haar in geval van nood aan haar lot zou overlaten?’

‘Dit gesprek is beëindigd, meneer Dunworthy.’ Gilchrist stond op. ‘Ik zal het lab openstellen zodra de oorsprong van het virus bekend is en ik het bewijs onder ogen heb dat het niet door het net gekomen kan zijn.’

Hij bracht Dunworthy naar de deur. De portier stond op de gang te wachten.

‘Ik zal niet toestaan dat u Kivrin laat stikken,’ zei Dunworthy.

Gilchrist perste zijn lippen op elkaar onder het masker. ‘En ik zal niet toestaan dat u de gezondheid van onze medebewoners in gevaar brengt.’ Hij richtte zich tot de portier. ‘Breng de heer Dunworthy naar de poort. Als hij nog eens het terrein wil betreden, belt u de politie.’ Hij smeet de deur dicht.

De portier liep met Dunworthy mee over de binnenplaats en verloor hem geen moment uit het oog, alsof hij bang was voor een onverhoedse aanval.

Dat leek Dunworthy nog niet eens zo’n gek idee. ‘Ik wil even bellen,’ zei hij, toen ze bij de portiersloge kwamen. ‘Het betreft een officiële aangelegenheid.’

De man keek hem onzeker aan, maar hij zette een telefoon op de balie en keek toe terwijl Dunworthy het nummer van Balliol intikte. Finch nam op. ‘We moeten Basingame zien te vinden. Het is buitengewoon dringend. Bel de Schotse instantie die over visvergunningen gaat en maak een lijst van hotels en logementen. En zoek het nummer van Polly Wilson voor me op.’

Hij schreef het nummer op en verbrak de verbinding. Hij begon het nummer van Wilson in te toetsen, maar bedacht zich toen en belde eerst Mary.

‘Ik wil je helpen de haard van het virus te vinden,’ zei hij.

‘Dus Gilchrist stelt het lab niet open?’

‘Nee. Zeg maar wat ik kan doen.’

‘Hetzelfde wat je in het begin hebt gedaan. Zoek uit met wie de eerste zieken contact hebben gehad, eventueel of ze aan straling zijn blootgesteld of in aanraking met vee of vogels zijn geweest. Denk ook aan godsdienstige stromingen die inenting afwijzen. Ik heb de eerste lijsten hier nog.’

‘Die laat ik door Colin ophalen,’ zei hij.

‘Ik zal zorgen dat ze klaarliggen. Probeer na te gaan wat Badri vier tot zes dagen voordat hij ziek werd heeft gedaan, voor het geval hij toch de haard is. Dan kan de incubatietijd namelijk langer zijn dan bij een besmetting.’

‘Dat kan William uitzoeken,’ zei Dunworthy. Hij schoof het toestel naar de portier, die meteen achter de balie vandaan kwam om hem naar de uitgang te brengen. Het verbaasde hem dat de man niet helemaal meeging naar Balliol.

Op zijn kamer belde hij meteen Polly Wilson op. ‘Is het mogelijk verbinding te maken met het bedieningspaneel van het net zonder in het lab te zijn?’ vroeg hij. ‘Via de computer van de universiteit?’

‘Dat weet ik niet,’ zei ze. ‘De centrale computer is beveiligd. Misschien kan ik er rechtstreeks doorheen komen of gebruik maken van de computer van Balliol. Dan moet ik eerst kijken hoe het systeem is beveiligd. Zit er een ingenieur klaar als het me lukt?’